Opa houdt van netjes. Alleen is zijn netjes niet altijd het onze. Opa is ook een harde werker die graag helpt op ons fruitbedrijf. Alleen is zijn hulp niet altijd goed afgestemd op onze behoefte.
Toen wij net op het bedrijf woonden, kwam opa vaak ons gras maaien. Ruim voor wij ook maar door hadden dat het iets gegroeid was, hoorden we de zitmaaier al weer grommend over het gras gaan. En over de blauwe druifjes en krokussen die we zo zorgvuldig gepoot hadden. Voorzichtig zeggen dat hij voortaan eerst maar moest vragen of we ons gras gemaaid wilden hebben, viel niet in goede aarde. Hij maaide nooit meer ons gras.