Doorgaan naar artikel

‘Debat arbeidsschaarste tuinbouw polariseert’

Het CBS meet een groot aantal bedrijven dat zich door personeelstekort belemmerd voelt: in de zorg, in de techniek, in de horeca en in de gehele voedingssector. Telers maken zich nog het meeste zorgen, blijkt uit een peiling van LTO. Daarbij komt dat het debat rond arbeidsmigranten meer dan ooit gepolariseerd is. Wetenschappelijke feiten en cijfers kunnen wellicht tegenwicht bieden.

LTO Nederland hing een maand het nieuwe jaar in aan de bel. De oogst van producten die handmatig geplukt, gesneden en gestoken moeten worden, zou dit jaar weleens problematisch kunnen worden. Slechts 16% van de ondervraagde telers voorziet geen problemen.

Emotie en vooroordelen

De reactie op dit onderzoek zou hebben kunnen zijn: goed dat jullie er nu al mee komen, nu er nog tijd is om aan oplossingen te werken en we malafide situaties kunnen voorkomen. Met als snelst realiseerbare oplossing het toestaan van tewerkstellingsvergunningen voor mensen van buiten de Europese Unie. De helft van de ondervraagde telers ziet dat als een maatregel die soelaas zou kunnen bieden.

Echter, wat vooral in het nieuws en op social media losbarstte was een golf aan emotie en hardnekkig vooroordeel. ‘Er gaat toch ook vaak van alles mis, met te veel mensen in krappe huisvesting?’ En: ‘jullie hebben 60.000 mensen nodig en er zitten nog steeds 600.000 werkzoekenden in de bakken. Betaal maar meer, dan komen ze wel.’

Polarisatie in arbeidsdebat

Die onmiddelijke polarisatie in het debat verraste Peter Loef. Hij is beleidsspecialist arbeid bij Glastuinbouw Nederland en kent de gevoeligheden in de discussies rond tuinbouw en arbeid en rond arbeidsmigranten in het algemeen. “Toch werd ik weer getroffen door de felheid van het debat. ‘We moeten het maar beter organiseren’, was de reactie. Terwijl wij daar juist al jaren alle aandacht voor hebben. En ja, er zijn nog steeds problemen, maar die moeten we gezamenlijk als wetgever, handhavers en sociale partners oplossen waarbij polarisatie niet de oplossing is. We staan écht met elkaar aan dezelfde kant van de streep. Laten we elkaar in het debat niet verliezen.”

Lees verder onder de foto‘s

MHP housing in Venray waar in 60 volledig uitgeruste Mobile Homes plaats is voor ruim 240 internationale medewerkers. - Foto: ANP / Hollandse Hoogte / Ramon van Flymen

MHP housing in Venray waar in 60 volledig uitgeruste Mobile Homes plaats is voor ruim 240 internationale medewerkers. – Foto: ANP / Hollandse Hoogte / Ramon van Flymen

Goede communicatie, respect en waardering

Loef en de glastuinbouw hebben recht van spreken. Ruim drie jaar geleden begon het werk aan de Human Capital Agenda, over goed werkgeverschap op de bedrijven. Met Kasgroeit zijn we daar zelfs al heel veel langer mee aan de slag. Met onder de Human Capital Agenda daaronder hangend het Masterplan Internationale Werknemers. Over goed werkgeverschap specifiek voor mensen die van ver weg komen, met een andere taal, een andere cultuur.

“Goede communicatie, respect en waardering.” Dat is de kortste samenvatting van dat masterplan. “Taal en cultuur is een verschil en het feit dat internationale werknemers ver van huis werken en dus door hun werkgevers gehuisvest moeten worden. Maar verder zijn het ook gewone werknemers voor wie je respect en waardering mag en moet uitspreken. En voor wie je als werkgever een net zo grote en intrinsieke motivatie mag voelen om voor goede en veilige werkomstandigheden te zorgen. Bijvoorbeeld door instructies bij de machines in de taal van de medewerker.”

Coronacrisis zorgde voor stroomversnelling arbeidsplan

In 2020 kwam dat Masterplan Internationale Werknemers in een stroomversnelling door de coronacrisis. Met alle onzekerheden over wie er wel en niet het land in konden komen en welke maatregelen er moesten worden genomen voor werken, wonen en vervoer, was het volgens Loef logisch dat het dan ergens weleens niet goed ging. Het zou volgens hem meer verbazing hebben moeten wekken dat dwars door lockdowns de voedselproductie gewoon op volle toeren bleef draaien, zonder excessen in de sector. “Dat is naast alle ingrepen van de ondernemers ook een groot compliment aan de loyale, ook vele internationale werknemers in onze sector. We hebben hier overigens goed in samengewerkt met CNV Vakmensen en FNV.”

Het zijn maar een paar klojo’s die het verkeerd doen

“Dat het bijna altijd goed ging en gaat, verraste en verrast mij dan weer niet”, zegt Loef. “Want ik kom op veel bedrijven, groot en klein. Ik praat met de telers in de ondernemersgroepen. Ik ben bevestigd in wat er gepresteerd wordt. En ja ieder exces is er een te veel en keuren wij af, maar met polarisatie helpen we niemand. Er is bijna geen ruimte meer om zelfs maar te dúrven uitspreken dat het bij heel veel bedrijven goed gaat en dat het een paar – vergeef me het woord – klojo’s zijn die het verkeerd doen. Laten die door de Nederlandse Arbeidsinspectie, Openbaar Ministerie en Belastingdienst hard worden aangepakt. We werken daar ook aan mee in het Fieldlab Go West.”

Onderzoek naar kwaliteit van werk

Het was ook in dat eerste coronajaar dat er een contact kwam met onderzoekers van Tilburg University. Brigitte Kroon van de vakgroep Human Resource Studies kreeg opdracht van het instituut GAK om onderzoek te doen naar de kwaliteit van werk in sectoren, die met veel arbeidsmigranten werken. “In de voedselproductieketen kijken we bijvoorbeeld ook specifiek naar wat er gebeurt met de mensen en hun werkomstandigheden als er stress is, door corona of omdat de prijzen onder druk staan. Behalve bij tuinbouwbedrijven zijn we ook gaan kijken bij grote distributiecentra.”

Ook werden gesprekken gevoerd met uitzendbureaus, belangenbehartigers zoals Glastuinbouw Nederland, met beleidsmakers, met vakbonden, met de Arbeidsinspectie en natuurlijk met de internationale werknemers zelf.

Aardbeienbedrijf Royal Berry in Bemmel heeft plannen voor de bouw van een eigen woonpark voor 350 internationale werknemers. - Foto: VidiPhoto

Aardbeienbedrijf Royal Berry in Bemmel heeft plannen voor de bouw van een eigen woonpark voor 350 internationale werknemers. – Foto: VidiPhoto

Een groep Hongaarse arbeidsmigranten is door een Hongaars sprekende onderzoeker gevolgd al voor en ook na het uitbreken van corona. “De gevolgen van de pandemie zijn voor deze groep zeker niet eenduidig slecht geweest. Een paar werden wel ziek en verloren hun baan en hun huisvesting en kwamen op straat terecht. Anderen hebben hun studie opgepakt en zich ontwikkeld buiten de sector.”

Kroon benadrukt dat de groep Midden- en Oost-Europese arbeidsmigranten heel mobiel is. “Het is niet zo dat ze per se graag naar Nederland komen. Ze zijn eerst en vooral op zoek naar werk en inkomen en dat kan ook in een ander land of toch weer in eigen land. Eentje van de groep Hongaren is zelfs naar Nieuw-Zeeland vertrokken.”

Taalproblemen

Al die tien- of in totaal zelfs honderdduizenden arbeidsmigranten vormen ook een heel diverse groep. Onderling zijn er ook veel verschillen tussen landen. “Als binnen een organisatie één groep dominant is, dan kan dat voor conflicten zorgen op de werkplek, blijkt in de gesprekken die we hebben gevoerd. Discriminatie onderling in het bepalen wie er kans heeft op de interessantere werkzaamheden binnen de organisatie.”

Uit het onderzoek komt nog eens naar voren dat taal heel belangrijk is. “Telers proberen zo inclusief mogelijk te zijn en in Pools en Roemeens te communiceren. Maar bij die groep Hongaren zaten mensen die geen woord over de grens spraken. Die moeten puur op basis van indirecte informatie hun weg vinden. Die hebben dus een heel beperkt beeld van hun rechten.”

Feedback-loops: cirkels van oorzaak en gevolg

De onderzoekers proberen hun bevindingen te standaardiseren in een aantal zogeheten feedback-loops. Cirkeltjes van oorzaak en gevolg die zichzelf in stand houden. Bijvoorbeeld de arbeidsmigrant die voor werk, huisvesting en transport allemaal afhankelijk is van het uitzendbureau of de teler als directe werkgever. Dan is de kans kleiner dat ze zullen klagen en zullen die werkgevers zo doorgaan.

Er is ook de loop waarin arbeidsmigranten wel een stem krijgen, met name als ze langer in een land verblijven en dan minder zomaar zullen aannemen wat ze aangeboden krijgen, maar ook voor zichzelf opkomen. Die gaan zich meer en meer als ‘normale’ lokale werknemers ontwikkelen en zich ook zo gedragen.

“Daarom zou je ook kunnen zeggen dat arbeidsmigratie altijd tijdelijk is. Of men stopt er na een paar jaar losse tijdelijke contracten weer mee. Of men ontwikkelt zich tot een reguliere werknemer.”

Alle zeilen bijzetten als de paprikaplantjes komen, bij paprikateler Johan van der Burg in Est. - Foto: VidiPhoto

Alle zeilen bijzetten als de paprikaplantjes komen, bij paprikateler Johan van der Burg in Est. – Foto: VidiPhoto

Ontvlammend debat

Peter Loef zet daar tegenover dat arbeidsmigratie voor specifieke mensen misschien tijdelijk is, maar arbeidsmigratie als zodanig blijvend is. Dat er dus ook structureel voldoende huisvesting voor nodig is. “Onderzoeksbureau Decisio onderzoekt nu in provincies en gemeenten hoeveel internationale werknemers er al verblijven en hoeveel er op korte termijn bij komen. Die feiten en cijfers zijn broodnodig. Net als het onderzoek van Tilburg. Als tegenwicht tegen de emotie op basis waarvan nu het debat gevoerd wordt.”

Maar Loef weet ook dat elk onderzoek dat naar buiten komt, ook weer brandstof is om dat publieke debat te laten ontvlammen. Waarbij partijen aan de haal gaan met een deel van de uitkomsten om hun gelijk te krijgen. Wat logisch lijkt inmiddels, maar niet zou moeten zijn en wat de politieke besluitvorming en het ook echt doorvoeren van effectieve maatregelen niet makkelijker maakt.

Feiten en cijfers zijn broodnodig als tegenwicht tegen de emotie

Beïnvloeding door verhalen in media

Dat is ook zo’n feedback-loop, zegt onderzoekster Kroon. “In de interviews wordt heel veel verwezen naar de media. Daar hebben we nog specifiek naar gekeken. Van de 45 geïnterviewden in de keten rond de tuinbouw zeiden 32 iets over hoe verhalen in de media hun eigen gedrag beïnvloeden. Niet alleen telers, maar ook uitzendbureaus en óók beleidsmakers en experts.”

Die beïnvloeding is voor een van nature nogal open sector als de tuinbouw ook onvermijdelijk. Glastuinbouw Nederland heeft die input van buiten zelfs georganiseerd in een Maatschappelijke Raad van Advies. Met als vrije opdracht om kritisch letterlijk en figuurlijk van buiten de kassen naar binnen te kijken. Om het ook eerlijk te zeggen als het goed gaat. En om te bekijken of waar dat nog niet het geval is er ook verbeteringen optreden op aangeven van die raad,

Loef: “Veranderingen moeten zichtbaar worden met name bij de bedrijven die onbewust onbekwaam zijn. En we zeggen dan: ‘Buiten winnen begint binnen’. Dus beginnen wij met het zo adequaat mogelijk informeren van de eigen leden, de telers, met bewustwordingscampagnes, met checklists aan te reiken, met projecten bijvoorbeeld samen met Stigas over de verantwoordelijkheden op arbogebied, ook dus voor je uitzendkrachten.”

Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten van Roemer

Wie ook van buiten naar binnen kwam kijken bij alle werkgevers met arbeidsmigranten was Emile Roemer en zijn Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten. Loef: “De bevindingen van Roemer onderschrijven we. We vinden wel dat zijn rapport onvoldoende kwantificeert wat er wel en niet goed gaat. Er staat geen getal in. Dus hoe groot nu werkelijk de problemen zijn, dat kun je er niet aan aflezen.”

Lees ook: Roemer: tuinder gebaat bij strenger arbeidsbeleid

Lange adem

Dat er soms dingen helemaal niet goed gaan, dat is waar en ernstig. Maar hoe de werkelijkheid op veruit de meeste bedrijven is, dat mag ook naar buiten komen. Het onderzoek door onder meer Tilburg University doet dat. Maar ook komt Glastuinbouw Nederland dit seizoen naar buiten met verhalen uit de praktijk, die als concreet antwoord kunnen dienen op de vraag van media en maatschappij of die telers die waarschuwen voor arbeidstekorten hun zaakjes wel op orde hebben. “Wij steken onze nek uit en laten ons zien – en dat moet ook omdat het debat op ons is gericht – en we hopen op die manier het beeld te kunnen draaien. Dat is iets van de lange adem.”

En dat is volgens Brigitte Kroon goed werkgeverschap ook, iets van de lange adem. “Voor mijn proefschrift sprak ik jaren geleden ook al een flink aantal telers. Bij de bedrijven die het objectief gezien niet zo best voor elkaar hadden, was er veel onmacht en stress. De telers zaten financieel zwaar, spraken de taal van de mensen niet en ze deden maar wat. Maar bij de ondernemers die het goed deden, daar was juist veel positieve energie, lol met de werknemers, goed overleg. De gedachte dat werknemers, in de tuinbouw of waar dan ook, stiekem liefst allemaal hun werknemers zouden willen uitbuiten, is alleen al vanuit die observatie onhoudbaar. Het heeft voor iedereen nadelen en is ook nauwelijks vol te houden.”

Bekijk meer

Share this

Gerelateerde artikelen

Beheer
WP Admin